Er liep een beestje over ons aanrecht, klein, zwart, te klein om z’n pootjes te kunnen zien. Ik was verbaasd: hoe kan het bestaan? Waar vindt hij zijn eten, zijn drinken? Wie zijn z’n ouders?
Al mijmerend realiseerde ik me dat er miljoenen jaren geleden ook al zulke beestjes op aarde rondliepen. Die moeten zijn voorouders zijn geweest. Iedereen heeft voorouders, tot in het duizendste geslacht en nog veel verder.
En dat het leeft en beweegt! Dat kan alleen dankzij een ingewikkeld samenspel van vloeistofjes, zenuwtjes, gewrichtjes en zintuigjes voor warmte, licht en een leuke soortgenoot. Net zoals bij u en bij mij.
Net zoals bij het daverende openingsconcert van de Schepping moet er bij dit beestje ook een Gedachte achter zitten. Een God.
Bert Alblas
